Het boek De vreemdeling van Albert Camus wordt terecht geroemd. De klassieker, die het leven van de handelsbediende Meursault beschrijft, een man die op klaarlichte dag een moord pleegt op een strand, is zó beklemmend dat zodra je het begint te lezen, het niet meer kan wegleggen. Het zet aan tot nadenken. Over de wereld, over jezelf en over het leven.
Het verhaal opent sterk. Vandaag is moeder gestorven. Of misschien gisteren, ik weet het niet. Meursault laat er geen traan om. Niet omdat hij haar haatte, integendeel, simpelweg omdat hij niet verdrietig is. Het is iemand die een teruggetrokken bestaan leidt en niks geeft om de huidige mores, net als de Griek Diogenes, die woonde in een ton. Het is iemand die zelf uitmaakt hoe hij zijn leven leeft en dat niet door anderen laat bepalen. Hij speelt, kortom, volgens Camus' eigen bewoordingen, 'het spelletje niet mee'.
Bij het zwembad ontmoet hij zijn oude typiste, Marie Cardona. Op de meest intieme wijze beschrijft hij zijn liefde voor haar, maar hij zegt nee als Marie aan hem vraagt of hij van hem houdt. Ook op haar huwelijksaanzoek antwoordde hij zonder gevoelens: hij zei dat het 'niet van belang is' maar dat hij het 'voor haar wel zou willen doen'.
Met een achteloze blik banjert Meursault door het leven, in al zijn handelingen is hij zich bewust van de absurditeit van het bestaan en dat alles maakt hem een bijzonder, interessant en heel misschien invoelbaar personage. Als hij op het strand in Algiers wordt gevraagd door de vriend van Raymond - iemand die hij in de overloop van zijn flat leerde kennen - de trekker over te halen als een Arabier vervelend begint te doen, gaat het mis. Hij belandt in de cel en krijgt de goelag. Niet omdat hij de Arabier doodde; in tegendeel. Louter omdat hij zo'n vreemd figuur is, hij wordt in feite veroordeeld om wie hij is.
In de dodencel komt hij de aalmoezenier tegen met wie hij later ruzie begint te krijgen. De geestelijke kwam met een treffende conclusie: wij zijn allemaal ter der dood veroordeeld. Meursault zou hem uiteindelijk aan zijn kraag hebben gegrepen nadat de man blijft doorgaan over zondes, God en religie, terwijl Meursault daar totaal geen behoefte aan heeft. Zeker niet in dit stadium van zijn korte leven. Achter de vier muren van het tralies stelt hij zich open voor de ,,tedere onverschilligheid van de wereld".
Op een speelse, poëtische wijze heeft Camus dit verhaal opgetekend. Het wordt met recht het beste fictiewerk uit de wereldliteratuur genoemd.
-
Dimitri Verhulst's geweldige proza verveelt nooit. Evenmin In weerwil van de woorden